express no6: tipjes van de sluier, deel 4

column leo janson

tussen een druk zakelijk bestaan in het wilde westen en heer in wedde ligt een periode van volstrekte eenvoud. een oud ambacht, opgedaan in een ver verleden, zag nieuw leven in Loo. één stoel, één spiegel en alleen maar kerels, geen gedoe, wat een heerlijke tijd.

vanaf nieuweschans langs klein ulsda, oudeschans, bellingwolde, rhederbrug, rhederveld, lutjeloo, blijham, morige, hoorn, loosterheem, veendiep, vriescheloo, veelerveen, wedde, wedderheide, wedderveer, onstwedde, holte, tange, mussel, braamberg, horsten, veenhuizen, ter maarsch, wessinghuizen, höfte, altereer, veele, ter wupping, smeerling, vlagtwedde, vlagtwedder veldhuis, plaggenborg, rijsdam, vledderhuizen, sellingerzwarteveen, zuidveld, wessingtange, laudermarke,’t heem, maten, jipsinghuizen, jipsingbourtange, blekslage, jipsingboermussel, barlage, harpel, metbroek, wollinghuizen, wollingboermarke, de pallert, roelage, barnflair, ellersinghuizen, weende, ter wisch, slegge, bourtange, kopstukken, over de dijk, sellingen, ter borg, ter haar, laude, sellingerbeetse, ter apel tot munnikemoer.

prachtige, tot de verbeelding sprekende namen. westerwoldingerland ontstond om en nabij 1600 vertelde ko lenting me, bewoond door een ruig volk volgens mij, levend in een gebied waar alleen de tangen toegang gaven. er was verzet tegen de heerschappij, ze lieten zich niet ringeloren. ik fantaseer onstuimige feesten in moerasgebieden waar god nog gebod iets te vertellen had.

zoals niet alle friezen stijfkoppen zijn en alle hollanders zuinig, zijn westerwolders ook niet allemaal over een kam te scheren. na 10 jaar westerwoldse mannen geknipt en geschoren te hebben, mag ik vanuit dat kleine vriescheloose kapsalonnetje wel wat roepen. het viel me op dat ze sterk zijn, niet allemaal natuurlijk maar wel veel. oude baasjes hielp ik uit de stoel en voelde ondanks de stramme benen, sterke armen. knullen van een jaar of 14 die ik speels een opsodemieter gaf gaven verrassend tegengas. vond ze ook verlegen, had regelmatig behoefte om ze toe te spreken; niet zo bescheiden joh, kom op zeg, jullie wonen in het mooiste stukje van west europa, wees trots, laat je niet aan de kant zetten door die westerling met zijn vlotte praatjes.

uiteindelijk zingt elk vogeltje zoals hij gebekt is, die westerling weet ook niet beter, zijn wereld verlangde klaarblijkelijk een grote mond om overeind te blijven. in tegenstelling tot de getogen westerwolder waar het appèl op het bestaan heel anders is en kalmte meer voor de hand ligt.

dit maakt meteen al de generaliserende prietpraat onzinnig. we leven allemaal op dezelfde aardkloot – alleen wij op het mooiste plekje – we zullen het samen moeten doen. samen staan we aan de vooravond van nieuwe ontwikkelingen die westerwolde als gebied gaan herpositioneren. de schoonheid van dit cultuurhistorisch landschap als economische aanjager. geen grote toeristische trekkers maar kleinschalige initiatieven die het wonen en werken in westerwolde moeten versterken en verbeteren. met het cittaslow-keurmerk in de hand en een zelfstandige gemeente westerwolde hebben we de sleutel tot tevredenheid in bezit.

fijne maand,
leo janson, expeditieleider

teken de petitie joa ik bin ain westerwolmer! en voorkom dat we opgaan in een mega-gemeente oostgroningen…